Van mest naar waterstof: stap 1 succesvol gezet

Datum: 
13/05/2022

Stap 1 in het onderzoek naar de haalbaarheid van waterstof uit mest is inmiddels succevol afgerond. Inmiddels hebben 26 veehouders uit Laren en Lochem een vergunning aangevraagd voor de bouw van een mestvergister op hun erf. Een aantal van hen is zelfs de vergunning én de SDE-subsidie al toegekend. De mestvergisters gaan met elkaar verbonden worden door een hub, een nog te graven gasleidingenstelsel. Op naar stap 2!

Hoe het begon

In juni 2021 startte de projectgroep H2UB Laren een onderzoek naar de haalbaarheid van het produceren van waterstof uit mest. Dit onderzoek is een initiatief van Wakker Laorne en 12 veehouders in de omgeving van Laren. Als chemicus maakt Joris Schouten, vrijwilliger bij LochemEnergie, deel uit van H2UB.
Het onderzoek werd in twee stappen opgedeeld:

  1. de omzetting van mest in biogas
  2. de omzetting van biogas in waterstof

Op 28 april jl. werd het onderzoek naar stap 1 afgerond in Ons Huis in Almen. Daar werd een eindpresentatie gegeven aan genoemde 26 enthousiaste veehouders uit Laren en Lochem.

Stap 2: van biogas naar waterstof

De volgende stap is een proefproject waarin het biogas zal worden omgezet in groene waterstof. Dit zal gebeuren met de innovatieve en weinig energievragende plasmalyse-technologie op de RWZI-locatie van het Waterschap Rijn&IJssel in Holten. Deze technologie zal technisch, economisch en ecologisch nader worden onderzocht in samenwerking met onderzoeksinstellingen. Als het plasmalyseproces doet wat het belooft, kan het worden opgeschaald naar de biogasproductie van de 26 veehouders in Laren en Lochem. Veel andere veehouders rondom Lochem hebben al belangstelling getoond om in de nabije toekomst mee te doen.

Dubbel voordeel

De productie van biogas staat steeds meer in de belangstelling, mede door de veranderende aardgasmarkt. In principe kan biogas gemaakt worden uit allerlei organische reststromen van mens, plant en dier, waarmee zonder klimaatbelasting een grote bijdrage kan worden geleverd aan de grote groene energiebehoefte. Als dit proces bruikbaar blijkt te zijn, zou dat ook een belangrijke ecologische verbetering betekenen omdat het veel minder energie vergt en de emissies van ammoniak en koolstofdioxide sterk worden beperkt.